Totaal aantal pageviews

zondag 18 januari 2015

Tuinvogeltelling.

Het is een beetje "komkommertijd" in de vogelwereld. De vogeltrek is vrijwel tot stilstand gekomen, behalve de ganzen en zwanen. Af en toe lees je nog een waarneming van een Pestvogel [Bombycilla garullus] of een IJseend [Clangula hyemalis] en daar houdt het verder dan ook mee op wat bijzonderheden betreft.
IJseend, vrouw. Nieuw Robbengat, Lauwersmeer 2013.

Pestvogels. Delfzijl 2013.
Maar gelukkig hebben we de "tuinvogel-telling" nog. Het is nu zondag en de tweede dag van de telling. Gisteren had ik geen tijd i.v.m. het inrichten van een foto-expositie in Bezoekerscentrum Reidehoeve, in Termunten bij de Punt van Reide, maar vandaag moet er geteld worden. Het weer is een beetje somber maar daar trekken de tuinvogels zich bitter weinig van aan. Ook vandaag ga ik een 1/2 uur tellen en de waargenomen soorten staan hier onder. Zal de Koolmees [Parus major] de meestal algemene zijn of toch weer de Huismus [Passer domesticus]? We weten het vanmiddag. Hier mijn resultaten van de Tuinvogeltelling 2015: Merel: 2 Huismus: 7   Pimpelmees: 2   Ekster: 1   Roodborst: 1   Koolmees: 2   Winterkoning: 1   Gaai: 1
Gaai [Garulus glandarius]
Het was vanmorgen redelijk weer, koud maar droog. Ik ben nog even op de fiets rond geweest langs de beide winterroesten van de Ransuilen [Asio otis]. Op de ene plek zaten 9 vogels en daar heb ik onder de roestboom ook gelijk even 1,3 kg braakballen verzameld en op de tweede plek zaten 10 exemplaren. Een mooi resultaat.
In één van de braakballen zat waarschijnlijk een schedel van een Noordse woelmuis [Microtus oeconomus [arenicola]. Die heb ik er nog nooit eerder in gevonden. De exacte soort vermeld ik later in deze blog.

Voorlopig even kort iets over de Noordse woelmuis.

Bedreiging en bescherming.

Natuurlijke vijanden van de ondergrondse woelmuis zijn vooral roofvogels [kerkuil, ransuil, bosuil, torenvalk, sperwer] en kleine roofdieren (wezel, hermelijn, vos, huiskat). De veldmuis schijnt een concurrent te zijn, want waar deze ontbreekt of zeldzaam is, is de ondergrondse woelmuis talrijk. Plaatselijk kan de ondergrondse woelmuis schade veroorzaken aan tuinderijen en boomgaarden, waardoor hij als hinderlijk wordt ervaren. Deze schade kan grotendeels voorkomen worden door ter plaatse het kort houden van de vegetatie.
Het achteruitgaan van het kleinschalig cultuurlandschap en versnippering van leefgebied is voor de ondergrondse woelmuis een bedreiging. Hij is dus gebaat bij het in stand houden en uitbreiden van kleinschalige en lintvormige landschapselementen.
Woelmuis.

Waarnemen.

In gebieden waar de woelmuis voorkomt, worden zijn prooiresten (en dan met name zijn schedel) in braakballen van kerkuil en ransuil gevonden. In live-traps kan je hem ook vangen, maar meestal lukt dat pas na enkele dagen. [Bron: www. Zoogdierenvereniging.nl]

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen