Totaal aantal pageviews

vrijdag 28 juni 2013

Predatie door een Scholekster [Haematopus ostralegus].

Vanmorgen was ik in de Eemshaven om Scholeksters te tellen en de geringde vogels te fotograferen. Eerst maar even langs de broedende Visdieven [Sterna hirundo] en Noordse sterns [Sterna paradisaea]. De Visdieven broeden tussen de rails en langs de kant van de weg en de Noordse sterns broeden op het grasveld naast de parkeerplaats van de voormalige Borkumlijn. Op dit zelfde terrein broedt ook een paartje Scholeksters. Eèn van de oudervogels is geringd met kleurringen [LB-YYLK]. Zijn/haar partner is ongeringd. De geringde vogel zat nog te broeden op 3 eieren, terwijl de andere ouder met de halfwas jongen op het veld liep. De beide jonge vogels zijn geringd met metalen ringen. Terwijl ik de waarneming in mijn notitieboekje noteer, zag ik de ongeringde vogel een ei pikken uit het nest van een Noordse stern. Hij/zij liep er mee naar de jongen en pikte het ei kapot, zodat de jongen de inhoud konden nuttigen. Tot en met de laatste "druppel"werd de eierschaal leeggegeten. Ik had zoiets nog nooit eerder gezien, dat een Scholekster een ei pikt en aan zijn jongen voert.

Oudervogel brengt het "gepikte " Noordse stern-ei.

De inhoud wordt opgegeten.

De jongen eten de inhoud .


Nog een "boertje" en ........


..... de schaal is leeg.
Weer een unieke natuurbelevenis.
Tijdens je waarnemingen kunnen vogels je behoorlijk op het verkeerde been zetten. Zoals de Scholeksters in het bovenstaand verhaaltje.
Het waren, achteraf gezien, twee verschillende vogels van verschillende Scholekster-paren, elk met een andere partner. De Scholekster met kleurring LB-YYBK heeft als partner LY-CSLH. Dit stel heft nu 2 jongen van 2-3 dagen oud. Wie de partner van de "predatie" Scholekster is, heb ik niet kunnen ontdekken. Misschien later nog eens.
Scholekster LB-YYBK met jong van 2-3 dagen oud.

zondag 23 juni 2013

Het Drents-Friese Wold 2.

Deze dag, 9 mei 2013,
Boomvalk [Falco subbuteo]  rustend op een oude boomstronk.

Afgestorven boom.
 een fietstocht door Het Fochteloërveen gemaakt. Natuurlijk hoop je dan, als vogelspotter, minimaal 1 Kraanvogel te zien, maar helaas. Tijdens het fietsen door de bossen zie je en hoor je verschillende vogelsoorten en als je gelukt hebt, fotografeer je ook nog een Matkop. 
Matkop [Parus montanus].
Tegen de middag begon de maag wat te knorren en dus een hapje gegeten en een beetje gedronken en dan maar weer verder door het schitterende veengebied. Aan het begin van het echte veengebied praatte ik met een man die zijn camera met telelens klaar had staan en ik vroeg hem wat er te zien was. Hij antwoordde: "Ik zie Boomvalken die op de vele libellensoorten jagen". Maar de Boomvalken zaten en vlogen op grote afstand van ons en met het blote oog bijna niet te zien. Terwijl wij de man hadden bedankt voor de info, fietsten wij verder het gebied in. Op dit pad/weg reden ook auto's. Uitkijken dus, maar we keken ook uit naar mijn eerste Boomvalk. Niet veel later zagen we er eentje op een oude boomstronk zitten. De afstand was groot, plm. 100 meter, maar de foto's zijn redelijk gelukt. Overal in het moerassige gebied vlogen 1000-den libellen en waterjuffers in de zon en dus voldoende voedsel voor de Boomvalken, die hoofdzakelijk in de namiddag en aan het begin van de avond op deze insecten jagen. Op de terugreis naar de camping zagen en hoorden we, voor ons nu wel bekend geluid, van de Boomleeuwerik. 's Avonds in de voortent genoten we nog lang na van een fantastische fietsdag in het Drents-Friese Wold.





zaterdag 1 juni 2013

Het Drents-Friese Wold 1.

Op 8 mei hebben we onze eerste fietstocht gemaakt in de omgeving van Appelscha. De route ging door pitoreske dorpjes en bossen, afgewisseld met open vlakten en vennetjes.
Mijn eerste Boomleeuwerik. [Lullula arborea]


Een hele mooie rit is over de Kale Duinen, ook wel Aekinger zand genoemd. Voor vogelaars als ik een interessant gebied. Toen we aan kwamen fietsen zagen we als eerste soort een paartje Zwarte roodstaart. Terwijl wij stonden te kijken, kwamen er 3 mannen aan met vangkooien. Ik vroeg wat ze gingen doen en ze vertelden dat ze onderzoek deden naar de populatie van de Boomleeuwerik. Ook deden ze bloedonderzoek en ringwerk. Nadat ik ze had verteld dat ik nog nooit een Boomleeuwerik had gezien, vertelde 1 van de mensen dat er wel 50 paartjes in de Kale Duinen verbleven en dat ik vanaf nu niet meer een waarneming kon missen. Hij vertelde nog even over het typische "lu-lu-lu-luuu" geluid dat ze maken en toen was het na enkele 100-den meters "bingo" voor mij. Een luid zingende vogel in een boomtop was mijn eerste waarneming van de Boomleeuwerik.


Vrouw Bonte vliegenvanger. [Ficedula Hypoleuca]
In het meertje "de Grenspoel"zag ik zeker 2 paartjes Geoorde fuut, een aantal Grauwe ganzen, Kokmeeuwen en Meerkoeten. De Geoorde futen zaten wel op grote afstand, maar ze tellen wel mee voor een waarneming. Ook de Geelgors en de Veldleeuwerik lieten duidelijk horen dat ze er waren. Na al dit moois zijn we verder gefietst in de richting van Appelscha. Bij een woning, vlak voor Appelscha, hingen enkele nestkasten aan de bomen en op 1 ervan zat voor het vlieggat een vrouwtje Bonte vliegenvanger. De bewoonster van deze woning vertelde mij dat het mannetje ook af en toe een kijkje kwam nemen en dat er voorgaande jaren ook al werd gebroed. Ik heb nog enkele leuke foto's van het vrouwtje kunnen maken. Terug op de camping vloog ook nog een mannetje Bonte vliegenvanger rond. Deze vogel heb ik enkele dagen later nog mooi kunnen fotograferen.

Wordt vervolgd.

De Kale Duinen.

zondag 26 mei 2013

Het Drents-Friese Wold.

Na een vakantie van bijna 3 weken in Appelscha, op camping "de Roggeberg", heb ik weer voldoende material om enkele afleveringen te plaatsen in mijn Blog. Het is hier echt schitterend en kom zeker nog enkele keren terug. Ik ben bezig met het uitwerken van de afleveringen en binnenkort wordt de eerste geplaatst.
Hier alvast een voorproefje.
Appelvink

Boomleeuwerik

woensdag 1 mei 2013

Het jaar van de Patrijs [Perdix perdix].

2013 is, door SOVON en Vogelbescherming Nederland, uitgeroepen tot: Het jaar van de Patrijs". Na een lange winterperiode zijn de eerste inventarisatierondes afgesloten. Door het koude weer werd de telperiode met 1 maand verlengd tot 30 april. Er moest door de vrijwilligers een aantal keren in de ochtend [tot 2 uur na zonsopkomst] en een aantal keren in de avond [vanaf 2 uur vòòr zonsondergang]. Diegene die mee wilde tellen, kon zijn "eigen"gebied claimen. Ik telde in de Eemshaven en niet zonder succes.
Patrijzen paar.
De Patrijs: Hij behoort tot de familie van de Patrijzen en Fazanten [Phsianidae]. Met zijn lengte tussen de 28 en 32 cm, is hij wel èèn van de grootste van de familie. De Patrijzen komen voor op akkers en open terreinen met veelal lage vegetatie, alwaar hij ook broedt, maar dan zoekt hij de beschuttung op van lage struiken en begroeiïng. In het nest liggen soms 15-20 eieren, die ca. 18 dagen worden bebroedt. De vogels zijn erg nerveus en waakzaam en als er gevaar dreigt, drukt hij zich tegen de grond of vliegt met veel lawaai weg. In het voorjaar zie je ze vaak als enkel paartje, maar in de herfst- en winterperiode vaak grotere groepen tot wel 15 vogels. Soms meer.
Patrijzen paar op de kale grond.
Het is een weinig opvallende vogel die door zijn overwegend bruine kleurtinten, goed gecamoufleerd is in zijn omgeving van singles, lage struiken en dorre graspollen. Hetmannetje onderscheidt zich van het vrouwtje door zijn zwarte borst, meer roodbruine kop met soms een rode streep vanaf het oog naar de nek en is ook iets groter.
Patrijs, man.
De jonge vogels zijn nog bruiner dan de volwassenen en kunnen soms verward worden met de Kwartel [Coturnix coturnix].
Logo van "het jaar van de Patrijs".

dinsdag 16 april 2013

Zwartkop [Sylvia atricapilla].

Duits: Mönchgrasmücke, Engels: Blackcap.
Zwartkop, man.
De belangrijkste kenmerken van een Zwartkop zijn: vrij stevig gebouwd, grijs-bruin vogeltje met een spitse snavel, ter grootte van een Koolmees. Het mannetje heeft een zwarte "pet"en het vrouwtje een rood-bruine. Ook de jonge vogels  hebben een rood-bruin petje. Dit zijn de meest herkenbare verschillen tussen man en vrouw Zwartkop. In de winterperiode verblijven ze in zuidelijk Europa, Engeland, Noord Afrika, maar ook een deel blijft in ons land. Vooral in zachte winters.

Van maart tot november zijn ze hier regelmatig te zien in  tuinen en parken. In deze omgeving vinden ze ook hun broedgebied. In de dichte ondergroei, het liefst met doornstruiken. Het nest bestaat uit droge plantendelen, stengels en fijn wortelmateriaal. Maar ook worden er mossen in verweven. Als afwerking van de nestkom wordt vooral paardenhaar gebruikt. Gewoonlijk liggen er 4-5 grauw-bruin gespikkelde eitjes in het nest. Zelden meer.
Zwartkop, man. Zingend.
 
 
 
 
Zwartkop.
Het paartje broedt 2 keer in mei tot juli. Na de leg van het laatste ei begint het broeden en de jongen komen na ongeveer 12-13 dagen uit het ei en worden na het uitvliegen nog 10-11 dagen door beide ouders gevoerd.
Deze foto'svan het mannetje zijn afgelopen zondag bij ons in de tuin gemaakt. Het mannetje heeft hier slechts 1 dag vertoefd. De foto van het vrouwtje is vorig jaar gemaakt bij Tetjehorn.


Zwartkop, vrouw.




zondag 31 maart 2013

Paarse strandloper. [Calidris maritima]

Engels: Purple sandpiper, Duits: Meerstrandläufer.
De Paarse strandloper behoort tot de familie van de strandlopers. [Scolopacidae] Er zijn 10 vogels in deze familie met als achternaam "strandloper". De Paarse strandloper is een vrij algemene wintergast.

De Paarse strandloper is een broedvogel langs ruige kusten, rotsachtige toendra's en veengebieden in de Bergen langs de Atlantische kust, tot aan de sneeuwgrens in IJsland en in Noorwegen. De broedperiode is van juni-juli en dan legt het vrouwtje 3-4 eieren. Er is slechts 1 legsel door de korte zomerperiode, en het zijn geen koloniebroeders.
Tijdens de trek zie je ze vaak op met zeewier begroeide pieren , glooiingen en strekdammen. Soms zie je ze in groepen, maar meestal alleen samen met Steenlopers. [Arenaria interpres] Ze springen dan van steen naar steen op zoek, onder het zeewier, naar hun voedsel, bestaande uit: Strandvlooien, kleine kreeftjes, schelpdieren en ander klein, eetbaar voedsel. Ze zijn erg tam en dus kun je ze gemakkelijk benaderen.
Toen ik woensdag j.l. de Schermdijk opreed, had ik een stil vermoeden dat ik er minstens een paar  zou zien. Er zat uiteindelijk slechts 1 exemplaar. Ik heb eerst wat foto's gemaakt vanuit de auto en na ongeveer een half uurtje ben ik op het asfalt van de dijk gaan liggen.Het werd een soort "kat- en muis-spel" tussen ons tweeën, want als ik dicht genoeg bij was om een foto te maken, vloog hij weer een stukje verder. Uiteindelijk was ik hem tot op zo'n twee en een halve meter genaderd, waar hij rustig bleef zitten en ik een paar leuke foto's kon maken, GEWELDIGE beleving van de natuur.
Genieten van de zon.

Tussen het schuim.
 
Paarse strandloper met 2 Steenlopers.